Niet iedereen kan z’n producten zomaar ‘biologisch’ noemen. Alle biobedrijven worden zorgvuldig gecontroleerd door een controleorganisatie. Hoe gaat dat in z'n werk?

Met bio wordt vast en zeker gesjoemeld. Dat hoor je wel 's zeggen. Maar dan heb je biocontroleur Nelis D’Hollander nog niet gehoord. Nelis werkt voor TÜV NORD Integra, een van de erkende controle- en certificatieorganisaties in ons land. Hij gaat na of biobedrijven ook écht de (strenge) regels van de biowetgeving respecteren. Wat zo’n controle precies inhoudt? We volgen Nelis tijdens een bezoek aan Steenovens, de gemengde boerderij van René Verachtert in Geel. Kijk mee in de video!

Jaarlijkse controle - en meer

“Bij een biologisch bedrijf wordt minstens één keer per jaar een volledige controle gedaan”, legt Nelis uit. “Die jaarlijkse controles zijn wettelijk voorgeschreven. Alle aspecten van het bedrijf worden dan gecontroleerd. In een gemengd bedrijf (i.e. landbouw & veeteelt) controleren wij zowel de percelen als de stallen. We gaan na of de verblijfplaatsen van de dieren en het voeder voldoen aan de strenge eisen.
Daarnaast wordt ook alle documentatie bekeken: de verhandelingsbons van de dieren, de facturen van de voeders, de verkoopfacturen, … Zo kunnen we een balans maken tussen wat er aangekocht en verkocht wordt. En zo kunnen we controleren of er bijvoorbeeld geen niet-biologische dieren aangekocht werden die dan wél als bio verkocht werden.”

Nelis D'Hollander controleert de boekhouding - (c) VLAM

En dat is nog niet alles, want een controlebedrijf voert ook onaangekondigde controles uit. Nelis D’Hollander gaat verder: “Tussendoor doen we steekproeven en verscherpte controles. Die zijn onaangekondigd, zodat de boer niet snel-snel nog dingen kan aanpassen die eigenlijk niet in orde waren. Als we tijdens een controle toch zaken vaststellen die niet conform de wetgeving zijn, dan leggen we de boer maatregelen op om dit op te lossen.” Hij besluit stellig: “Dankzij onze controles kan je er zeker van zijn dat het product 100% biologisch is.”

Nelis D'Hollander (r) schept ter controle een sample van het veevoeder in een zakje. Bioboer René Verachtert (l) kijkt toe. (c) VLAM

"Controle is belangrijk. Want zo kunnen wij aan de consument aantonen dat wat hij koopt bio is." Nelis D'Hollander, TÜV NORD Integra

Ook controle bij omschakeling naar bio

Als een gangbare, dus niet-biologische, landbouwer van zijn bedrijf een biologisch bedrijf wil maken, duurt de omschakelingsperiode 2 jaar. Nelis legt uit: “TÜV NORD Integra controleert dan of de bodem van het bedrijf niet historisch vervuild is, bijvoorbeeld met pesticiden die vroeger gebruikt werden maar die nu niet langer toegelaten zijn. Want bepaalde gewassen nemen die pesticiden uit de bodem op. Dat mag natuurlijk niet in bio.”

Vertrouwen

Een consument moet vertrouwen kunnen hebben in wat hij koopt, vindt Nelis: “Daarom is controle belangrijk. Want zo kunnen wij aan de consument aantonen dat wat hij koopt bio is. En dat het product volledig volgens de bio-wetgeving geproduceerd is.”

Kortom: als er ‘biologisch’ op het etiket staat, weet je zeker dat de strenge regels van bio gerespecteerd werden.


Lees ook: