Als adviseur biologische productie bij het onderzoekscentrum Inagro trekt Lieven Delanote iedere dag zijn laarzen aan om de teelten op de biologische proefboerderij te controleren. Momenteel loopt er een onderzoek naar robuuste aardappelen. Wat zijn dat, robuuste aardappelen, en waarom zijn die zo belangrijk? Lieven geeft tekst en uitleg in het filmpje.

Waarom doen jullie onderzoek naar robuuste aardappelen?
Lieven Delanote: Een robuust aardappelras is een ras dat goed bestand is tegen ziekten en plagen. Vooral in de aardappelteelt is ‘phytophthora infestans’ of de aardappelschimmel een belangrijk probleem, want die schimmel kan ervoor zorgen dat de hele oogst mislukt. Daarom doen wij onderzoek naar verschillende rassen om te kijken welke aardappelen sterk genoeg zijn om de schimmel te weerstaan. Een tweede eigenschap van robuuste aardappelen is dat ze ook in moeilijke omstandigheden een goede oogst leveren. En dat is in het voordeel van de boer én van de consument.

Wat is de impact van die schimmelziekte op aardappels?
De aardappelplaag tast het loof van de planten aan waardoor de groeikracht vermindert. Daarnaast kan de schimmel ook in de grond dringen waardoor de aardappelknollen rot worden. Vooral vochtige en warme groeiomstandigheden zijn gunstig voor de ontwikkeling van deze schimmel: de planten kunnen in één week afsterven. Om die reden is in de gangbare landbouw een intensieve gewasbescherming nodig.

Prachtige aardappelbloesems - (c) VLAM, P. De Laet

Hoe ga je als bioboer met de schimmelziekte om?
In de biolandbouw moeten we op andere manieren de aardappelplaag proberen te omzeilen. Om te beginnen gaan we de aardappelen laten voorkiemen, zo nemen ze een stukje groeivoorsprong in de teelt en zijn ze al wat sterker vóór de plaag opkomt. Daarnaast kunnen we in bio in heel beperkte mate koper gebruiken – dat is een natuurlijk gewasbeschermingsmiddel dat de plaag enigszins kan afremmen, maar niet volledig kan stoppen. Dus bij een sterke druk van de aardappelplaag dreigt dan toch nog een slechte oogst. In dat geval heeft de bioboer een derde geheime wapen: robuuste aardappelrassen. Met hun grote resistentie tegen de aardappelplaag zijn ze een belangrijk instrument voor de biologische aardappelteler. Het bewijs is er: de aardappelschimmel is vandaag nergens te bespeuren op dit hele veld!

Hoe wordt een aardappelplant robuust?
Hiervoor moeten we kijken naar het oorsprongsgebied van de aardappel, en dat is Zuid-Amerika. Daar komen wilde aardappelplanten voor die van nature resistent zijn tegen de aardappelplaag. Door die wilde types te kruisen met moderne aardappelsoorten ontstaan nieuwe, resistente aardappelrassen. Dit proces gebeurt via natuurlijke veredeling. Het duurt ongeveer 10 jaar om tot sterke, resistente én lekkere aardappelen te komen.

De veredeling gebeurt door gespecialiseerde veredelingsbedrijven in onder andere Nederland en Frankrijk. Wij hebben een goed contact met deze bedrijven en vragen hen ieder jaar welke nieuwe rassen ze in ontwikkeling hebben. En die gaan we dan hier op het proefveld testen.

Ieder ras is herkenbaar via een code - (c) VLAM, P. De Laet

Hoe verloopt jullie onderzoek precies?
Hier op het biologisch proefveld van Inagro doen we jaarlijks een grote rassenproef met een 30-tal verschillende aardappelrassen – een 20-tal zijn resistent tegen de schimmel, de rest niet. Dit is nodig om het verschil duidelijk te kunnen zien. Er staan onder andere Alouette, Carolus, Connect, Tentation en Vitabelle aardappelen – er zijn er met kort of lang loof, en met veel of weinig loof. Per soort worden ze uitgeplant in vier proefveldjes van 3 bij 10 meter, verspreid over het proefterrein.

In ons onderzoek bekijken we verschillende aspecten. We volgen op hoe deze aardappelrassen groeien en houden in de gaten of ze gevoelig zijn voor de aardappelplaag. Na de oogst gaan we de knollen beoordelen: eerst worden ze gewogen en gesorteerd op grootte in de trieur (er zijn drie maten). Dat gebeurt nu met een vrij ouderwetse machine, maar in de toekomst zullen we misschien visueel kunnen triëren met een camera. Vervolgens beoordelen we de kwaliteit van vorm, kleur, schil en smaak.

Na de oogst worden de aardappelen gesorteerd op grootte - (c) VLAM, P. De Laet

Jullie testen de aardappelen dus ook op smaak?
Ja, een robuuste aardappel moet uiteraard ook lekker zijn! Anders worden ze niet gekocht. De aardappels worden gekookt of gestoomd en we maken er ook frieten van. Bij de frieten proeven vooral de ogen: ze worden geklasseerd volgens verkleuring, want de producenten van bv. diepvriesfrieten prefereren een lichte verkleuring. Ons culinair team beoordeelt de smaak en de knapperigheid: ze proeven alles en quoteren ieder ras, van barslecht tot superlekker. Smaak is voor de consument immers van groot belang! Mijn persoonlijke favorieten? Dat zijn de Alouette als tafelaardappel en Carolus voor friet.

Wat zijn de te verwachten resultaten?
Met enkele robuuste rassen hebben we al meerdere jaren goede ervaringen. Een vijftal rassen kun je al kopen in de winkel. En op korte termijn komen er minstens twintig robuuste aardappelrassen op de markt.

De proefveldjes worden een voor een geoogst - (c) VLAM, P. De Laet

Hoe komt het dat er ineens zoveel rassen bij komen?
Om deze nieuwe rassen te promoten hebben de partners in de Vlaamse biologische aardappelketen (i.e. biologische boeren, pootgoedbedrijven, aardappelhandelaars en retail) een ‘aardappelconvenant’ ondertekend. Samen engageren ze zich om vanaf 2021 alleen nog robuuste aardappelrassen te telen en op de markt te brengen. We hopen dat dit een succes wordt en dat de consument kiest voor lekkere biologische en robuuste aardappelen!