Muisstil is het in de loods waar een tiental duo’s van biobloementelers half-gebogen over bakken met biopotgrond hangen. In opperste concentratie en volledig met de hand zaaien ze hier tientallen bloemensoorten in die een biologisch leven zullen leiden. Waarom doen ze dat samen?

Half maart zette de loods van het Proefcentrum voor Sierteelt (PCS) in Destelbergen zijn deuren open voor deze ‘samenzaai’ van biobloemen. In totaal kwamen negentien biobloementelers naar het PCS om hun biobloemen in te zaaien. Samen zaaiden ze 436 bakjes in, goed voor maar liefst 65.400 plantjes!

Waarom doen ze dat hier en niet op hun eigen bedrijf? Liesbet Blindeman van het PCS geeft uitleg: “Wij nemen deel aan het project ‘Biobloemen: Kleur van op het bioveld tot bij de consument’, dat de teelt van biobloemen een duwtje in de rug wil geven. Deze biotelers komen hun plantgoed hier samen inzaaien omdat wij hen een ruime verwarmde serre (12 tot 15°C) ter beschikking stellen om de plantjes sneller op te kweken. Op hun eigen bedrijf hebben de meeste telers vaak onvoldoende ruimte of geen serre om alle bloemen die ze telen zelf op te kweken. Omdat hun bloemen in onze licht verwarmde serre sneller kiemen, krijgen ze zo een headstart op hun eigen bedrijf”.

Bloemen zaaien is een precisiewerk - (c) VLAM, P. De Laet

Op-en-top concentratie

Iedere biobloementeler die meedoet aan de samenzaai heeft zijn of haar eigen zaaigoed bij, van 10 à 15 verschillende soorten. Vaak is dat zaad deels aangekocht, deels zelf vermeerderd. Omdat de markt nog klein is, is er nog niet zo veel biobloemenzaad beschikbaar; daarom mogen telers (na officiële goedkeuring) ook niet-bio zaad gebruiken.

Het inzaaien gebeurt in standaardbakken met biopotgrond dat in kleine vierkante vormpjes is geperst, met telkens een gaatje in het midden. De piepkleine zaadjes worden allemaal manueel ingezaaid met behulp van een pincet of gevouwen blaadjes. De telers zijn dan ook allemaal supergeconcentreerd bezig.

Ieder heeft z'n eigen voorraad zaadjes mee - (c) VLAM, P. De Laet

Waarom is deze samenzaai voor hen belangrijk? Teler Ruth van Bloom: “Mijn serre staat nu al bijna vol, ik zou nooit zoveel bakken kunnen plaatsen. De zaadjes worden hier ook prima verzorgd met water, licht en warmte”. Lies van Fleur Couleur: “We zaaien hier de soorten die warmte nodig hebben om te kiemen. Zo kunnen ze bij ons sneller van start”. Tine van De Zoenebloem (bij domein Ommersteyn) heeft nog een extra reden: “Ik vind het vooral leuk om mijn collega’s hier te ontmoeten! Ik woon in een uithoek van het land en zie dus sowieso niet veel collega’s. We houden wel contact via het ‘Forum biobloemen’, daar wisselen we informatie uit en we doen ook samenaankopen”.

Babyfoto’s

Het PCS levert nog een bijzonder leuke extra service. Liesbet: “Wij maken regelmatig foto’s in de serre en zetten die in ons Whatsapp-groepje. Zo blijft iedereen op de hoogte hoe de babyplantjes groeien. De telers komen uit het hele land en kunnen niet zomaar een kijkje komen nemen. Ook als er plantjes sneller of trager groeien, geven we dat door.” Vanaf eind april zijn de gekiemde plantjes klaar om de grond in te gaan, en dan komen de telers hun ‘kroost’ ophalen.

Een serre van het Proefcentrum Sierteelt is nu de biobloemencouveuse - (c) PCS

Een bosje puur natuur

Het Europese biolabel – het groene blaadje – zie je vooral op voeding of op producten waarvan de grondstoffen afkomstig zijn uit de biolandbouw. Waarom zijn er dan ook biobloemen? Die eet je toch niet op? Toch wel: er zijn heel wat bloemen die heerlijk smaken in een slaatje. En bloemen zijn planten, en dus landbouwproducten. Net als prei of peren worden ze gereglementeerd door de biowetgeving. Dat betekent o.a.: teelt in volle grond, natuurlijke bemesting, mulchen (bodem bedekken met organisch materiaal) of een laag folie tegen onkruid, en gebruik maken van nuttige insecten (natuurlijke vijanden van lastige beestjes).

Haal het seizoen in huis

Bij biobloemen merk je duidelijk dat ze de seizoenen volgen. Biobloemen bloeien van maart tot eind oktober. Dat komt omdat ze altijd in volle grond en in de buitenlucht worden geteeld, soms ook in een niet-verwarmde serre. Het biobloemenseizoen start met anemonen, narcissen en tulpen, en het eindigt in oktober met zonnebloemen, dahlia en herfstaster. Soorten die hier niet gedijen vanwege de koude winters (bv. mimosa) zul je dan ook niet vinden in het bioassortissement. Bij biobloemen weet je dat ze niet worden overgevlogen, ze leggen dus veel minder kilometers afleggen voor ze bij jou thuis in een vaas belanden!

Waar vind je biobloemen?

Het beroep van biologische bloementeler zit flink in de lift: van 14 telers in 2017 is het aantal biologische bloementelers inmiddels gegroeid tot 35. Daardoor kan je op steeds meer plaatsen biobloemen kopen. Klik hier om een verkooppunt in je buurt te vinden.

Verder lezen