In dit tijdperk van fake news hoor je mensen vanalles beweren over biologische voeding. Soms trekken onze wenkbrauwen zich dan in een dikke frons... Graag helpen we vijf misverstanden over bio de wereld uit!

5 misverstanden over bio - (c) VLAM

1. Groenten en fruit uit mijn eigen tuin, die zijn toch ook bio?

Hmm, eigenlijk niet, nee. In zekere zin zit er misschien wel een kern van waarheid in. Het is in ieder geval heel fijn als je geen kunstmest en geen chemisch-synthetische pesticiden in die tuin gebruikt! Maar bio gaat verder dan dat, de bioboer werkt bv. ook aan een vruchtbare bodem en gebruikt planten- en dierenrassen die aangepast zijn aan de lokale omstandigheden.

Maar stel dat je jouw groenten wilt verkopen en je zet er een bord ‘Biologisch’ naast, dan ben je buiten de lijntjes van de wet aan het kleuren. De term ‘biologisch’ is immers beschermd: alleen bedrijven die zich laten controleren en daardoor officieel gecertificeerd zijn voor bio mogen het woord ‘biologisch’ op hun producten vermelden. Daarnaast zijn er ook nog andere vereisten dan enkel geen kunstmest en chemisch-synthetische pesticiden gebruiken. Op bioproducten moet ook het Europese biolabel staan als symbool van de controle.

2. Bio, dat is gewoon geldklopperij!

Het prijskaartje van een bioproduct ligt inderdaad vaak wat hoger dan zijn niet-bio tegenhanger, maar voor de meerprijs krijg je dan ook vanalles is de plaats. Maar is dat geldklopperij? Nee, absoluut niet.
Daar zijn verschillende redenen voor. Een paar van de belangrijkste:

  • Biolandbouw is in ons land vaak kleinschaliger, waardoor schaalvoordelen minder evident zijn.
  • De opbrengsten zijn lager omdat de bioteler vaak andere rassen gebruikt en omdat biogewassen trager groeien doordat ze minder en andere meststoffen krijgen.
  • Zowel bij planten als dieren gebruikt de bioboer vaak robuuste rassen. Die zijn van nature uit beter bestand tegen allerlei omstandigheden, maar geven meestal een lagere opbrengst of moeten langer groeien.
  • In bio mag de boer geen herbiciden gebruiken. Het onkruid moet dus op een alternatieve, vaak meer arbeidsintensieve manier verwijderd worden.
  • Biovee krijgt meer ruimte in de stal en in de wei -- daardoor heeft de bioboer meer wei- en stalruimte voor vee nodig, en dat kost geld.
    Biodieren krijgen meer ruimte binnen én buiten - (c) Vlam

Kortom, de prijs die je als consument betaalt, gaat dus naar de kwaliteit van de grondstoffen, het werk van de boer, een lagere impact op het milieu en extra dierenwelzijn.

3. In plastic verpakte biokomkommers, dat is toch geen bio?

Toch wel. Een gewone komkommer en een biokomkommer zien er identiek uit, maar vaak liggen ze toch samen in één winkel. Als consument wil je natuurlijk zeker weten of je nu een biokomkommer of een niet-bio exemplaar pakt. Supermarkten kiezen er meestal voor om de biokomkommers te verpakken (want da's een minder groot aantal). Maar dat is hun eigen keuze, het wordt niet opgelegd vanuit de biosector. In een biowinkel zal je dan weer geen enkele in plastic verpakte komkommers vinden, want zo’n winkel biedt enkel bio aan. Handig!

Plastic verpakking rond bioproducten is trouwens niet meer van deze tijd. Bioproducenten zijn volop op zoek naar milieuvriendelijke alternatieve verpakkingen zoals verpakkingen op basis van suikerrietvezels, zetmeel, katoen of jute. Ook ‘natural branding’ of laseren is mogelijk -- als het product dat toelaat. Gelukkig stappen ook heel wat niet-biowinkels hier in mee. En gecertificeerde winkels die uitsluitend bio aanbieden, hebben simpelweg geen plastic nodig!

4. Biobananen uit Ecuador – dat kan toch nooit echt bio zijn?

Biobananen uit Costa Rica of biokoffie uit Brazilië – zijn die net zo bio als onze appelen en melk? Het antwoord is positief: ook bioproducten van buiten de EU worden volgens de regels van een biolastenboek geproduceerd en gecontroleerd op een manier die gelijkwaardig is aan het Europese systeem.
Of ze nu zelf over een biowetgeving beschikken of niet, landen die biovoeding willen exporteren naar de EU moeten zelf voor een biocertificaat zorgen. Bij aankomst in de EU worden dit biocertificaat en de goederen opnieuw gecontroleerd. Controle gegarandeerd dus!

5. Biologische voeding is heus niet gezonder

We geven het grif toe: als er één onderzoeksdomein is dat moeilijk te bestuderen valt, dan is het wel het effect van voeding op onze gezondheid. Een gedegen onderzoek zou inhouden dat je een grote groep mensen consequent en voor langere tijd biovoeding laat eten en een andere grote groep consequent niet-bio. Hoe wordt die voeding door al die mensen opgenomen en hoe kun je bepalen of ze er gezonder van worden? Een onderzoek met veel onduidelijke factoren en vraagtekens dus.

Wat we wél kunnen meten, is de nutritionele samenstelling van biovoeding, en daaruit blijkt dit:

  • Plantaardige biovoeding bevat over het algemeen meer vitamines B en C, meer antioxidanten en meer mineralen zoals ijzer, magnesium en fosfor.
  • Bioproducten bevatten minder residuen van gewasbeschermingsmiddelen en van dierenmedicatie, en hebben een lager nitraatgehalte.
  • De veeboer richt zich op het voorkomen van ziekten, met robuuste rassen, voldoende ruime huisvesting en biovoeder. Hormonen zijn in bio verboden en antibiotica wordt enkel in uitzonderlijke gevallen curatief toegepast (dus niet preventief). Het is immers niet 100% duidelijk welk effect de residuen van die producten op mens, dier en natuur hebben.

Wat daarnaast ook meespeelt is dat mensen die regelmatig bioproducten kopen, vinden dat een gezonde voeding belangrijk is en zij kiezen vaker voor een gezonder voedingspatroon. Frequente biogebruikers consumeren meer fruit en groenten, volkoren producten en soep en minder vlees, vleeswaren en frisdranken. Zo krijgen ze meer voedingsvezels, foliumzuur, calcium en ijzer binnen via hun voeding.

Ziezo

Vijf vraagtekens de wereld uit! Laat je als bioliefhebber niet zo maar iets wijsmaken. Zoek een antwoord op deze website (of elders) als er nog eens vragen opduiken over bio!