Tegenwoordig kom je het woord ‘bio’ om de haverklap tegen, denk maar aan bioplastic of biomassa. Maar dat zijn eerder wetenschappelijke benamingen. Soms gaat het ook over termen zoals biokatoen en biocosmetica die ‘biologisch’ beweren te zijn. Verwarring troef! Hoe bio is ‘bio‘?

To bio or not to bio

‘Biologisch’ is natuurlijk een woord dat we allemaal kennen – uit de biologieles bijvoorbeeld! Maar als je het over voeding hebt, kun je ‘biologisch’ niet zomaar gebruiken in Europa. En dat komt door de Europese biowetgeving - die bepaalt heel duidelijk waar de term ‘bio’ en ‘biologisch’ al dan niet vrij gebruikt mag worden. Namelijk alleen voor primaire landbouwproducten (bv. bloemen of groenten), levensmiddelen (voeding), veevoeder, zaaizaden en pootgoed is het gebruik van de termen ‘biologisch’ en ‘bio’ wettelijk beschermd. De bioproducent moet ook gecertificeerd zijn voor biologische producten, en alle producten en het productieproces worden streng gecontroleerd.

Bij andere producten dan de hierboven genoemde geeft de biowetgeving geen garanties en mag het label dus ook niet gebruikt worden. Daar kan je dus soms wel de term ‘bio’ tegenkomen, maar er staat geen enkele garantie tegenover.

Biokatoen en biowol, is dat wel koosjer?

Ook de kledingsector wil mee op de kar van het succes van bio springen. Kleding wordt soms gepromoot als eerlijk, duurzaam, gemaakt met biologische katoen of wol. Maar is die biokleding dan ook bio zoals een bioappel? Nee, toch niet. Kleding valt niet onder de categorieën waar de Europese biowetgeving iets over te zeggen heeft (nl. levensmiddelen, veevoeder, primaire landbouwproducten, zaaizaden en pootgoed). Je hebt dus geen enkel garantie over wat dat betekent, een ‘bio-T-shirt’, zelfs al staat het zo op de verpakking of op een label. Zo’n ‘bio-T-shirt’ klinkt mooi maar is dus eigenlijk een verkooptrucje.

Maar wol of katoen is toch wel een primair landbouwproduct? Dat klopt, maar de biocontrole over het proces van wol en katoen stopt na de oogst van de producten. Over het schoonmaken, kaarden, kleuren, enz. heb je dus geen garanties. Je zal er dan ook nooit het Europese biolabel op vinden.

Mogelijk vind je wel een ander label op zo’n T-shirt, bijvoorbeeld het GOTS-label, wat staat voor Global Organic Textile Standard. Dit is een internationale standaard die de biostatus van textiel door de hele keten garandeert. GOTS volgt milieuvriendelijke en sociale criteria, en dit zowel vanaf de oogst van de vezels (bv. katoen en wol) tot alle processen erna (bv. spinnen, breien, weven, verven en verwerken).
“Dus toch echt bio!” zul je zeggen. Nee, toch niet. GOTS hanteert een privaat lastenboek; er is geen officiële regelgeving waaraan ze moeten voldoen om het label ‘biologisch’ te mogen gebruiken.

En hoe zit het met biocosmetica?

Ook de cosmeticasector surft vrolijk mee op de biogolf: steeds meer producten worden als natuurlijk, ecologisch of zelfs biologisch gepresenteerd. Dat komt omdat de vraag naar dit soort verantwoorde producten stelselmatig toeneemt. Maar bioshampoo, is dat dan ook echt 'biologoisch'? Er zijn twee kanten aan dit verhaal.

ENERZIJDS
Enerzijds zijn er producenten die wel degelijk proberen om meer natuurlijke cosmeticaproducten op de markt te brengen, soms zelfs met gecertificeerde natuurlijke ingrediënten van de biologische teelt, zoals kruiden, of planten (aloë vera) of fruit (citroen). Een overkoepelende Europese wetgeving voor deze producenten – die hen zou toelaten om de term ‘biologisch’ wettelijk te gebruiken – is er echter niet. Want cosmetica behoort uiteindelijk niet tot de zaken die de biowetgeving regelt.

Wél bestaan er een paar privélabels die duidelijke normen vooropstellen en zelf de controle en certificatie doen van cosmeticaproducenten. Zo is er bijvoorbeeld het COSMOS-label, de ‘Cosmetic Organic Standard’, of het label Natrue. Beiden stellen voorop dat een product met hun label geen kleurstoffen, siliconen, parfum, formaldehyde, … mag bevatten, dat de biodiversiteit en het milieu gerespecteerd worden bij de teelt van bioproducten, en dat er verantwoord wordt omgegaan met natuurlijke hulpbronnen.

ANDERZIJDS
Anderzijds word je als consument soms toch wel om de tuin geleid door de zogenaamde greenwashing-trucs van cosmeticaproducenten. Die durven wel eens 'bio' in de productnaam te gebruiken terwijl de inhoudsstoffen noch 'bio' noch ‘natuurlijk’ zijn. Maar omdat er geen zwart-op-wit wetgeving bestaat voor de cosmetica, hebben deze producenten vrij spel om de term te gebruiken.

Met andere woorden: koop je cosmetica met de term ‘bio’ of ‘biologisch’ op de verpakking, maar zie je nergens een (bekend) label staan, dan heb je geen enkele garantie over het aandeel bioingrediënten. Er is immers geen specifieke EU-wetgeving voor cosmetica die normen voorschrijft of die aangeeft vanaf welk aandeel bioingrediënten het woord 'bio' mag vermeld worden. Let zeker ook op met fabrikanten die zelf een label creëren omdat hun product dan officieel lijkt.

Blijf alert en kritisch

De term ‘biologisch’ mag bij voedingswaren, veevoeder, zaaizaad en pootgoed alleen gebruikt worden op producten die op een gecontroleerde en biologisch verantwoorde manier worden geproduceerd. De producent moet bovendien gecertificeerd zijn om biologische producten te mogen produceren. Niet iedereen kan dus zomaar een bioproduct op de markt brengen. Alle producten en het productieproces worden streng gecontroleerd.

Bij andere producten geeft de biowetgeving geen garanties en mag het label dus ook niet gebruikt worden. Daar kan je dus soms wel de term ‘bio’ tegenkomen, maar er staat geen enkele garantie tegenover. Kortom, laat je niet misleiden maar blijf alert en kritisch.

Dé garantie

De snelste manier om te zien of een product echt biologisch is, is natuurlijk het bekende groene EU-biolabel. Dat geeft je de enige garantie dat wat je in handen hebt ook 100% biologisch is.

Het EU-biologo wijst je de weg